EX 68-025 Hoorn, De Sterflats

architect ir. Gelderblom van Van Wijk en Gelderblom, Soest ism. Bureau voor ruimtelijke ordening en architektuur Kuiper, De Ranitz, Van der Ree en Van Tol, Rotterdam en tuin- en land- schapsarchitekten Me ers, Warnau, Hofman en Kalff, Amsterdam
opdrachtgever gemeente Hoorn
realisatie 1969 – 1972
adres Astronautenweg, De Grote Waal, Hoorn
programma 346 woningwetwoningen

Beschrijving van het plan
De nieuwbouwwijk de Grote Waal ontstond vanaf 1966 als eerste nieuwe stadswijk sinds Hoorn was aangewezen als groeikern. Met dit bouwplan wilde de gemeente een hoogstand woonmilieu ontwikkelen, dat ook draagkrachtigere bewoners aan Hoorn zou binden.
Het plan voor de Ster ats is in teamverband integraal ontworpen door een landschapsarchitect, stedenbouwkundige en architect. De nieuwe Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) van 1965 had dat mogelijk gemaakt. Niet langer moest eerst een ge xeerd stedenbouwkundig plan goedkeuring krijgen alvorens de architect de daarin vastgestelde blokjes mocht invullen.
De Ster ats zijn gesitueerd achter de Westerdijk, een onderdeel van de Westfriese Omringdijk. De ontwerpers maken gebruik van de karakteristieken van de locatie. Zij onderscheidden vanaf de dijk drie gebieden voor het buitenleven: ‘ruig’ (grootschalig-landschappelijk), ‘luw’ (dijkdorps) en ‘service’ (stedelijk). De dijk werd als lang, dun lint vrij behouden, met als beplanting iepenhakhout, singels, wat meidoorns en es, bedoeld voor recreatie of om naar het water te kijken. Dit gebied loopt door tot de achterzijde van de ats. Het gebied aan de ingangszijde van de ats moest een kleinschalig beschut milieu worden aan de voet van de bouwblokken. Dit werd bekleed met treden, muren, zitjes en speelplaatsen, met iepen-, eik- en meidoornsingels. Daarachter het stedelijke servicegebied, deels voor parkeerplaatsen en deels ook met treden en muurtjes voor spel.
Ook de indeling van de ats kwam voort uit de locatie, met een mix van woningtypen, omdat uitzicht over de dijk pas vanaf de tweede verdieping mogelijk is. Op de begane grond zijn smalle woningen gesitueerd, in twee lagen met een eigen tuin, overgaand in groene ruimte met een eigen ingang aan de woonstraat, waar ook de schuur te vinden is. Een blinde plint met bergingen is daarmee voorkomen. Op dijkniveau bevinden zich : smalle woningen van twee lagen met beschut woonbalkon en boven deze woningen bevindt zich het ‘hoog wonen’ : brede woningen in één laag met balkon met uitzicht over groene ruimten en Hoornse Hop;
Het plan voorzag nog in een vierde woningtype, de drive-in woning: een smalle eengezinswoning in drie lagen met garage/berging en eigen tuin met tuinkamer aan groene ruimte. De plattegronden van de woningen zijn bajonetvormig, waardoor een speelse indeling is ontstaan.

Reden van predicering
De woningen zelf zijn qua indeling niet experimenteel te noemen, maar zijn wel van zeer goede kwaliteit. Het experimentele karakter schuilt dus voornamelijk in de zinvolle wijze waarop in dit project ats (van verschillende grootte) en maisonnettes met elkaar gecombineerd zijn en gestreefd is naar het optimaal benutten van de karakteristieke situatie onder dijkniveau, resp. met weids uitzicht over de dijk.
Ook de bijzondere zorg die aan de inrichting van de openbare ruimte tussen de ats is besteed was experimenteel. De commissie vroeg
wel in de uitwerking van het inrichtingsplan op een aantal punten speci eke aandacht: Het plan moest minder worden verhard, en stelde voor om de opgang van de dijk te accentueren met een rustpunt.

 

68025-maisonnette-plg 68025-4kamerflat-plg68025-dwarsprofiel

    • Categories: Vernieuwing middelhoogbouw